Bij echtscheiding mag een partner die jarenlang zonder inkomen voor de gemeenschappelijke zaak gewerkt heeft, niet in de kou worden gezet. De zogenaamde 'koude uitsluiting' moet voortaan voorkomen worden. Dat stelde de ChristenUnie in het debat over de Wettelijke Gemeenschap van goederen.
Minister Hirsch Ballin (Justitie) deed de toezegging dat onderzoek wordt gedaan naar de mogelijkheid om met een wettelijke regeling deze koude uitsluiting te voorkomen. Echtgenoten die geen salaris inbrengen maar wél jarenlang voor het gezamenlijk huishouden gewerkt hebben (bijvoorbeeld in de huishouding, op de boerderij of 'in de zaak?', kunnen na een echtscheiding met lege handen achterblijven als ze geen goede huwelijkse voorwaarden hadden gesteld. De ChristenUnie vindt dat onrechtvaardig.
Notaris
De minister meent dat de 'economisch zwakkere partij' voldoende beschermd wordt door de eis dat er een notaris betrokken moet zijn bij het opstellen van huwelijkse voorwaarden. De ChristenUnie betwijfelt echter of daardoor onevenwichtige huwelijken worden voorkomen; het zijn immers de partners zélf die beslissen wat er uiteindelijk wordt opgenomen in de overeenkomst van huwelijkse voorwaarden.
Verrekenen
In de praktijk wordt vaak een verrekenbeding opgenomen in de huwelijkse voorwaarden; dat verplicht echtgenoten ertoe geregeld (jaarlijks) hun inkomsten te verrekenen. Maar toch komt het ook vaak voor dat bij een echtscheiding blijkt dat zo'n financiële beveiliging ontbrak in de huwelijkse voorwaarden. Niet omdat men daar ooit bewust voor gekozen had, maar omdat een van beide partners bij het begin van het huwelijk niet kon overzien hoe de gezamenlijke (financiële) huishouding in de toekomst zou verlopen.
Spijt
De 'eigen verantwoordelijkheid van beide aanstaande echtgenoten om in dit opzicht zichzelf en de ander te beschermen tegen beslissingen waarvan men achteraf grote spijt krijgt', waar de minister naar verwijst, biedt volgens de ChristenUnie dus niet voldoende garantie tegen onrechtvaardige situaties.
Bron: ChristenUnie.nl